Politiek
Het sprookje van de euro
Introductie van de EU-special
Bekijk aflevering 2 van onze EU-special. In deze uitzending gaan we in op de rol van de Europese Centrale Bank, wat de invoering van de euro de burger heeft gebracht en stellen we vraagtekens bij de Europese leiders die de belangen van de Europese burgers moeten behartigen.
Politiek
Waarom de publieke omroep het coronaverhaal van VWS klakkeloos overnam
Op 1 september 2026 rapporteerde Nieuwsuur dat het ministerie van VWS tijdens de coronacrisis een adviesbureau argumenten liet verzinnen en documenten liet produceren waarmee VWS zijn aanpak kon verkopen. Er lopen lijnen tussen dat adviesbureau, NCTV-bazen en de publieke omroep, ontdekte Indepen.
Volgens een interne nota van VWS, waarop Nieuwsuur de hand wist te leggen, hadden de hoogste ambtenaren van dat ministerie al in het voorjaar van 2020 een voorgevoel dat de coronacrisis voor VWS verstrekkende gevolgen zou hebben.
“Het ligt in de lijn der verwachting dat we ons over onze aanpak en keuzes moeten gaan verantwoorden”, staat in de nota. Op dat moment was de coronacrisis nog maar een paar weken oud, maar de hoogste ambtenaren op VWS wisten toen al dat ze niet wilden. “De Covid-19 evaluaties moet niet door de Kamer (…) noch door de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (…) worden uitgevoerd”, schreven ze.
VWS huurde daarom de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB) in. De NSOB zou in rapporten vastleggen wat VWS tijdens de crisis deed en daarnaast de ambtenaren van VWS helpen bij de ontwikkeling van een narratief waarmee ze hun aanpak konden verdedigen en kritiek daarop konden weerleggen.
De NSOB-rapporten die het handelen van VWS hebben vastgelegd staan op de website van de NSOB. Dat geldt niet voor het rapport met de narratieven die de NSOB voor VWS heeft bedacht. Dat is nog steeds niet openbaar. Nieuwsuur onthulde op 1 september dat het rapport bestaat, dat het zeven ton heeft gekost en dat de toenmalige gezondheidsminister Hugo de Jonge het heeft geraadpleegd voordat hij op 10 juli 2026 door de coronacommissie werd verhoord.
De meest fundamentele kritiek in de reportage van Nieuwsuur kwam van de Leidse hoogleraar staatsrecht Wim Voermans. Voermans was ‘onthutst’ over de nota van VWS. “Hoe durf je dit op te schrijven?”, zei hij. Voermans betitelde de acties van VWS als een poging om parlementair toezicht buitenspel te zetten.
Psychologische manipulatie
Wat de NSOB voor VWS heeft gedaan gaat misschien nog wel verder dan dat. Dat blijkt uit het in 2025 verschenen NSOB-rapport Waarden wo(o)rden werkelijkheden. Het rapport beschrijft hoe ambtenaren en beleidsmakers door het gebruik van de juiste woorden, het vermijden van foute termen en het inpassen van hun plannen in een zorgvuldig bedacht verhaal, hun plannen kunnen doordrukken – ongeacht de kwaliteit van die plannen. Narratiefconstructie is een geavanceerde vorm van psychologische manipulatie.
Ambtenaren van VWS konden vanaf april 2021 het coronarapport van de NSOB inzien op het intranet. Journalisten die stukken waarop het rapport was gebaseerd met een Woo-verzoek wilden inzien, vingen bot. Het ministerie had geen tijd om de stukken op te sporen, kregen ze te horen. Het was immers crisis. Dat excuus hoorde mogelijk ook bij het narratief dat de NSOB had vervaardigd. “Tijdens een crisis moeten we prioriteiten stellen.” Het ministerie had tijdens de coronacrisis trouwens wel tijd om zich alvast in te dekken voor toekomstige evaluaties en de constructie van een narratief.
Het narratiefdocument van de NSOB is niet openbaar, maar het materiaal dat Nieuwsuur boven water kreeg bevat enkele aanwijzingen van de inhoud. Daarin is sprake van fraaie stukjes framing als ‘achteraf kritiek leveren is makkelijk’, ‘tijdens een crisis zijn pijnlijke besluiten onvermijdelijk’ en ‘de besluitvorming was complex en onzeker’.
Het zijn stukjes framing die tijdens de coronacrisis niet alleen zijn gebezigd door VWS, maar ook frequent langskwamen in de programma’s van de publieke omroep.
Kingpin Joustra
Dat laatste rijmt niet met de missie van de publieke omroep. “Het media-aanbod moet onafhankelijk tot stand komen, zonder inhoudelijke bemoeienis van politiek of commercie”, lezen we op de website van de NPO. “Tot slot moet het aanbod van hoge kwaliteit en betrouwbaar zijn.” Het klakkeloos reproduceren van een narratief dat wordt uitgedragen door een ministerie dat weigert informatie te verstrekken valt daar niet onder.
Als de publieke omroep zijn taken niet vervult, zou de raad van toezicht en dan vooral de voorzitter van die raad van toezicht moeten ingrijpen. Tijdens de coronacrisis was Tjibbe Joustra de bestuursvoorzitter van de publieke omroep. Joustra kreeg zijn aanstelling in 2018 en behield die tot juli 2026. Joustra heeft echter niet ingegrepen.
De missie van de NSOB is net zo verheven als die van de publieke omroep. “Wij confronteren machtsposities met scherpe tegenspraak en brengen ongemakkelijke waarheden aan het licht”, schrijft de NSOB op zijn website. In de klus voor VWS deed de NSOB precies het tegenovergestelde.
Ook de raad van toezicht van de NSOB greep niet in. En ook in die raad van toezicht zit Tjibbe Joustra. Joustra is sinds januari 2019 voorzitter van de raad van toezicht van de NSOB. Je kunt veel van Joustra zeggen, maar de man is wel consequent.
Trend
Tjibbe Joustra richtte in 2004 de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) op. Officieel is de NCTV de belangrijkste veiligheidsorganisatie van Nederland. De NCTV is immers de dienst die inlichtingendiensten als de AIVD en MIVD coördineert. Joustra was de allereerste NCTV-baas en bleef dat tot 2009. Volgens een artikel dat op 8 mei 2025 verscheen in het Algemeen Dagblad, werkten er aanvankelijk drie mensen voor de NCTV. Nu zijn dat er vierhonderd.
Het is natuurlijk opmerkelijk dat iemand met een verleden bij een organisatie die grotendeels opereert in verborgenheid toezicht houdt over een organisatie die zegt open en eerlijk te willen informeren. Maar de bestuursfunctie van Joustra binnen de NPO was waarschijnlijk geen toeval. Pieter-Jaap Aalbersberg, de man die Joustra in juli opvolgde als voorzitter van de raad van toezicht van de NPO, komt ook van de NCTV. Aalbersberg zwaaide van 2019 tot 2025 de scepter over de NCTV.
De benoeming van alweer een NCTV-baas bij de publieke omroep past in een trend die NieuwRechts recent ook al signaleerde: de Nederlandse bestuurstop raakt verweven met de NCTV, de AIVD en Defensie.
Politieke infiltratie
Wie zich afvraagt hoe dat proces bij de publieke omroep is verlopen, vindt het begin van een verklaring in een artikel dat de onderzoeksjournalisten Kim van Keken en Joost Ramaer publiceerden in 2023. Daarin beschrijven Van Keken en Ramaer hoe Nederlandse politici al sinds 1994 proberen de belangrijkste bestuursfuncties binnen de publieke omroep in handen te krijgen. Vooral politici van de VVD, PvdA en D66 slagen daarin.
Zowel de publieke omroep als de politiek zagen dit als een probleem. Als ex-politici, die praktisch altijd nog deel zijn van grotere netwerken, invloed gaan krijgen op de grootste journalistieke organisatie van Nederland, komt de onafhankelijke berichtgeving van de publieke omroep in gevaar. Bovendien waren politici vaak slechte bestuurders.
Om een einde aan de politieke benoemingen te maken introduceerde VVD-staatssecretaris Sander Dekker in 2016 een nieuw systeem. Tot dan kwamen politici de publieke omroep binnen via benoemingen door ministers. Onder het nieuwe systeem koos de raad van toezicht van de NPO zelf de nieuwe bestuurders – en de eerste voorzitter die in dat nieuwe systeem ging opereren was Tjibbe Joustra. Hij kwam binnen via zijn connecties binnen de VVD, vermoeden Van Keken en Ramaer.
Onder Joustra verergerde echter de situatie. Onder zijn toezicht konden een half dozijn VVD’ers op prominente posities komen. Een aantal schandalen bij de publieke omroep, zoals de affaire rond Matthijs van Nieuwkerk, konden escaleren omdat de door Joustra binnengeloodste politieke bestuurders ze verergerden. Bovendien gebruikten de nieuwe bestuurders hun bevoegdheden om de inhoud van programma’s te sturen.
Dat laatste kwam bijvoorbeeld aan het licht toen journalisten van WNL aan de bel trokken over de ‘angstcultuur’ op de redactie. In het epicentrum van die angstcultuur stond Bert Huisjes, die vanaf 2011 hoofdredacteur bij WNL was. Onder Huisjes was het beleid dat verslaggevers CDA- en VVD-politici geen moeilijke vragen stelden.
Klein wonder
Onder Joustra kregen mannen en vrouwen met belangen en een horkerige manier van leidinggeven het voor het zeggen binnen de publieke omroep. Ongetwijfeld zal dat onder Aalbersberg niet veranderen. Onder zulke omstandigheden is het niet verwonderlijk dat programma’s slaafs een narratief gaan reproduceren dat door een onderzoeksbureau is verzonnen.
Wél verwonderlijk is dat verslaggevers van Nieuwsuur in staat zijn geweest om een reportage te maken die de ontstaansgeschiedenis van dat narratief heeft blootgelegd. Misschien is er, ondanks alles, hoop voor de publieke omroep.
Politiek
Kabinet-Jetten zet grote stap naar surveillancestaat
Kabinet-Jetten heeft op 28 augustus 2026 een wetsvoorstel ter consultatie voorgelegd waarmee Nederland in één klap kan worden omgebouwd naar een surveillancestaat zoals we die in het verleden alleen tegenkwamen in aan de USSR gelieerde landen. Het voorstel gaat zo extreem ver dat de toetsingscommissie Inzet Bevoegdheden (TIB) en de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) beiden het huidige voorstel verwerpen.
Waarom wil dit nieuwe kabinet een zo vergaand toezicht op burgers en bedrijven?
“Het kabinet wil de geheime diensten [AIVD en MIVD] meer mogelijkheden geven omdat de dreiging toeneemt en tegenstanders slimmer en sneller worden. Daarom is een voorstel voor een nieuwe wet in internetconsultatie gegaan”, aldus dit NOS-artikel.
Welke dreiging en welke tegenstanders?
Het initiatief voor de nieuwe inlichtingenwet (de Wet bescherming nationale veiligheid door de inlichtingen- en veiligheidsdiensten) is uiteraard afkomstig van minister van Defensie Dilan Yeşilgöz (VVD), een vrouw die in een cultuur geboren is waar waakzaamheid voor vijanden tot een soort hogere kunstvorm is verheven.
Yeşilgöz zei bij de presentatie van de wet dat er voldoende waarborgen zijn en we “onze vijanden met onze rechtsstaat bestrijden”.
Hoe vaag wil je het hebben?
Hoeveel verder gaat het nieuwe voorstel dan de huidige wetgeving?
Het wetsvoorstel, dat eind augustus 2026 in openbare internetconsultatie is gegaan, is bedoeld om de huidige Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv 2017, de ‘sleepwet’) te vervangen.
Op deze sleepwet werd al immens veel commentaar geleverd omdat – destijds nog onder VVD’er Mark Rutte – de grondrechten van Nederlandse burgers zwaar werden ingeperkt.
Amnesty International geeft op haar website de volgende kritiekpunten op de bestaande wetgeving die al zo ingrijpend is, dat er in 2017 een referendum over werd aangevraagd:
- Er kan van iedereen communicatie worden afgetapt, ook van niet-verdachte burgers of van een buurt waarin een verdacht persoon verwacht wordt te verblijven.
- De geheime diensten krijgen toestemming om in te breken op telefoon, computers, televisies en andere apparaten.
- Verzamelde gegevens mogen zonder analyse doorgestuurd worden naar inlichtingendiensten van buitenlandse regimes, zoals de VS.
Maar het nieuwe initiatief van VVD-er Yeşilgöz gaat dus nog veel en veel verder.
Door de nieuwe Wet bescherming nationale veiligheid door de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wbnv) krijgen de AIVD en MIVD nog ruimere mogelijkheden om digitale communicatie, bulkgegevens en online-activiteiten te verzamelen. Kabinet-Jetten benadrukt dat dit nodig is vanwege Russische spionage en Chinese cyberaanvallen.
De kern van het voorstel is eenvoudig: meer mogelijkheden voor de diensten AIVD en MIVD, gecombineerd met minder toezicht op wat die twee diensten uitvoeren.
Een van de meest verstrekkende bepalingen betreft interceptie van bulkdata. Het wetsvoorstel bepaalt dat de AIVD en MIVD bulkgegevens mogen verzamelen door het aftappen, ontvangen, opnemen en afluisteren van elke vorm van telecommunicatie of gegevensoverdracht met gebruik van een geautomatiseerd werk.
Voor deze vorm van hacken kan toestemming worden verleend voor maximaal één jaar, waarna verlenging mogelijk is.
De wet definieert bulkgegevens als persoonsgegevens die betrekking hebben op een zeer groot aantal personen, waarbij het merendeel van die personen geen onderwerp van onderzoek is en dat ook niet zal worden.
Als mogelijk voorbeeld van zo’n actie valt te denken aan bulkgegevens over de alternatieve, of nieuwe media. Stel je voor dat de AIVD en MIVD graag willen weten of onder die media journalisten zijn die door de Russen of Chinezen worden ingehuurd? Dan kunnen alle persoonsgegevens, telefoongesprekken, e-mails en andere info van iedereen die voor een bedrijf in de nieuwe media werkt, gehackt worden door de Nederlandse veiligheidsdiensten.
Met andere woorden: de wetgever erkent expliciet dat zich in de databestanden grote aantallen volstrekt onverdachte burgers kunnen bevinden.
De CTIVD constateerde in juli 2026 dat de AIVD en MIVD al gebruikmaken van bulkdatasets
Als je dit rapport van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten leest, zie je dat de AIVD en MIVD al gebruikmaken van bulkdatasets die soms miljoenen gegevens bevatten. Het kan daarbij gaan om namen, telefoonnummers, locatiegegevens, sociale-mediagegevens en inhoudelijke communicatie. Volgens de toezichthouder heeft het overgrote deel van de mensen in dergelijke datasets niets te maken met spionage of terrorisme.
De AIVD en MIVD lopen dus al vooruit op hun ‘nieuwe bevoegdheden’ uit de nieuwe wet van Yeşilgöz en lijken daarmee de huidige wet te overtreden.
Ook de nationale politiedienst TOOI glijdt af naar een controlestaat
Behalve de in dit artikel geschetste problematiek met de nieuwe ‘spionagewet’ van Yeşilgöz, schreven we op 18 augustus 2026 al over de ontwikkelingen bij de nationale politie via de dienst genaamd Team Openbare Orde Inlichtingen (TOOI). De werkwijze van deze dienst gaat ook veel verder dan wettelijk is toegestaan en meerdere burgemeesters hebben kabinet-Jetten opgeroepen hierop snel in te grijpen.
Het controversiële karakter van het TOOI draait om het feit dat deze ‘geheime dienst’ van de politie jarenlang en structureel – zonder voldoende wettelijke basis – informatie heeft verzameld over burgers, aldus een rapport van de Autoriteit Persoonsgegevens.
De ontwikkelingen, waartegen wordt gestreden door democratie-minnende Nederlanders, lijken echter haaks te staan op de bedoelingen van kabinet-Jetten dat er alleen maar op uit lijkt te zijn om meer controle over de burgers te krijgen – inclusief de mogelijkheid om persoonlijke dossiers op te bouwen.
De echte grens ligt uiteindelijk bij de rechtsstaat
Een democratische rechtsstaat beschermt zichzelf niet alleen tegen buitenlandse vijanden. Hij moet zichzelf ook beschermen tegen de verleiding om, met veiligheid als excuus, steeds meer informatie – en daarmee macht – over zijn eigen burgers te verzamelen.
Nederlanders kunnen onder de nieuwe wet van Yeşilgöz niet onbeperkt en willekeurig individueel worden bespioneerd. Maar Nederlanders kunnen wél onderdeel worden van grootschalige gegevensverzamelingen waarop de diensten vervolgens zoekopdrachten, analyses en – steeds vaker – geautomatiseerde toepassingen kunnen loslaten, waardoor onschuldige Nederlanders uiteindelijk toch in een verdachtenbankje terechtkomen.
De vraag is dus in hoeverre het nieuwe wetsvoorstel nog wordt aangepast om misbruik door de Staat te voorkomen. Volgens de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen-Veiligheidsdiensten (CTIVD) zijn er nog talloze verbeteringen mogelijk voordat het nieuwe voorstel van Yeşilgöz als wet door de beide kamers wordt geloodst.
De vraag is of de huidige regering de basisprincipes van de rechtsstaat nog voldoende onderschrijft. Het feit dat dit nieuwe wetsvoorstel van minister van Defensie Yeşilgöz er nu ligt, geeft eigenlijk al een voldoende antwoord.
Politiek
Wat doen die 25.000 EU-lobbyisten in Brussel?
Ik besteed er regelmatig aandacht aan: hoe werken de onderdelen van de macht in Brussel? De meeste aandacht gaat naar de Europese Commissie, het Europees Parlement, voorzitter van de Commissie Von der Leyen en de grootste netwerken van multinationals die de Commissie rechtstreeks bewerken zoals de European Round Table of Industry. Maar er zijn ook nog circa 25.000 lobbyisten actief in Brussel. Wat doen die zoal en hebben ze ook formele macht?
De lobby-industrie in Brussel
Achter de glimmende gevels van de Europese Commissie en het Europees Parlement werken naar schatting 25.000 lobbyisten. Dat zijn er ongeveer net zoveel als het aantal EU-ambtenaren dat wetgeving schrijft. Ze worden betaald door multinationals, brancheorganisaties, ngo’s, buitenlandse overheden en zelfs grotere Europese steden.
Maar wat doen deze mensen precies? Hoeveel macht hebben ze werkelijk?
Volgens het Europees Instituut voor Vakbonden – ETUI – werken de meeste van deze 25.000 lobbyisten in het belang van multinationals en banken.
Uit onderzoek van ETUI is gebleken dat 75 procent van de lobbybijeenkomsten van Eurocommissarissen en hoge ambtenaren van de Commissie plaatsvindt met lobbyisten die multinationals vertegenwoordigen. Op cruciale vakgebieden zoals financiële regelgeving, de interne markt en het internationale handelsbeleid loopt dit percentage op tot meer dan 80 procent.
Deze cijfers ondersteunen de vaak door mij geopperde stelling dat de Europese Commissie, noch de EU, er is voor de Europese burgers of het mkb, maar hoofdzakelijk de belangen van de beursgenoteerde bedrijven en de systeembanken dienen. Die laatste groep heeft zelfs nog een extra steunorganisatie binnen de EU in de vorm van de ECB.
Mijn eigen ervaring met Brussels lobbywerk
Ik ben zelf eens in het Berlaymontgebouw in Brussel geweest om te lobbyen voor een Europese subsidie voor het bedrijf waar ik destijds adjunct-directeur van was. Dat bedrijf was toen – 1996 – de eerste Nederlandse onderneming die op grote schaal chemisch afval recyclede. De EU had subsidies beschikbaar voor de ontwikkeling van innovatieve technieken waarmee gevaarlijk afval weer tot herbruikbare grondstoffen werd opgewerkt.
Ik was te gast bij het directoraat-generaal Milieu (ENV). Tijdens het gesprek werd aandachtig geluisterd naar wat ik allemaal over de technologische ontwikkelingen binnen ons bedrijf te vertellen had.
Departement ENV is verantwoordelijk voor het EU-beleid inzake het milieu. Het zorgt ervoor dat de Europese economie transformeert naar een model waarin grondstoffen efficiënt worden (her-)gebruikt. Dat was in 1996 al zo, maar valt tegenwoordig grotendeels onder de Europese Green Deal.
Na mijn presentatie werd uitgelegd hoe het werkt met lobbyen binnen EU-instanties. Allereerst was het gebruikelijk om namens een branchevereniging te komen, of namens een multinational. Middelgrote bedrijven zoals de onze – 300 fte – kwamen eigenlijk niet in aanmerking voor een ontvangst. Ik had de invitatie te danken aan het feit dat ons bedrijf voorloper was in hergebruik binnen Nederland.
Na anderhalf uur stond ik weer op de stoep van het EU-gebouw met een vage toezegging over een mogelijke subsidie voor ons R&D-programma. We hebben daarna nooit meer wat gehoord.
De taken van een beroepslobbyist
Tijdens mijn onderzoek voor dit artikel ontdekte ik wat er allemaal komt kijken bij dat professionele lobbywerk en begreep ik ook dat mijn aanpak in 1996 weinig kans van slagen had.
Want wat doet die professional allemaal? Dat antwoord is op deze website te vinden:
- Amendementen schrijven: het aanleveren van kant-en-klare wijzigingen op EU-conceptwetteksten.
- Position Papers schrijven: het opstellen van technische rapporten die een industrie in een goed daglicht stellen.
- Deelname aan expertgroepen: het meepraten binnen expertgroepen van de Europese Commissie op specifieke kennisgebieden.
- Netwerk events organiseren: het organiseren van diners, conferenties en ‘fact-finding missions’ (betaalde reisjes) voor Europarlementariërs en Commissiemedewerkers.
- Draaideurbegeleiding: het begeleiden van oud-politici naar een goedbetaalde baan in het bedrijfsleven na hun ambtstermijn.
De macht van de lobby is niet absoluut, maar wel disproportioneel, volgens Corporate Europe Observatory (CEO).
Een veelgehoorde opvatting is dat lobbyisten wetten ‘kopen’. Dat is te simplistisch. Hun macht ligt vooral in het framen van het politieke debat als extreemlinks of -rechts, bewerken van journalisten, het vertragen of afzwakken van regels en het indienen van ideeën voor nieuwe wetgeving die de eigen branche versterkt.
Onderstaand plaatje – afkomstig van de website van CEO – vat de problematiek van het lobbywerk goed samen;

(Bron: Corporate Europe Observatory)
De grote macht van multinationals en banken via ‘expertgroepen’
Het grootste probleem in Brussel is de scheve machtsbalans. Volgens onderzoek van Transparency International EU en Journal of European Public Policy is ongeveer 75 procent van de lobbyisten actief voor het multinationale bedrijfsleven. Voor elke lobbyist van een vakbond of burgerbelangen staan er ongeveer zeven bedrijfslobbyisten tegenover.
Lobbyisten kunnen formeel op basis van de officiële regels van de Europese Commissie in drie hoedanigheden zitting nemen binnen expertgroepen:
- Als vertegenwoordigers van organisaties: Dit is de meest voorkomende vorm voor lobbyisten. Zij worden benoemd om het specifieke standpunt van een organisatie te verkondigen, zoals een brancheorganisatie (van bijvoorbeeld de auto-industrie of farmaceutische sector).
- Als vertegenwoordigers van collectieve belangen: Zij vertegenwoordigen een bredere, gemeenschappelijke achterban (zoals consumentenorganisaties of vakbonden), in plaats van één individuele organisatie of bedrijf.
- Als individuele experts: In uitzonderlijke gevallen worden lobbyisten met specifieke technische of wetenschappelijke expertise op persoonlijke titel gevraagd. Zij moeten dan een onafhankelijkheidsverklaring indienen om belangenverstrengeling te voorkomen.
Expertgroepen worden vaker door multinationale bedrijfsleven gedomineerd
Terwijl het doel van de expertgroepen is om relevante kennis over een specifiek onderwerp vanuit de EU-bureaucratie en het bedrijfsleven bij elkaar te brengen, blijken de lobbyisten uit het bedrijfsleven in deze expertgroepen toch vaak de discussie te overheersen, aldus deze website van CEO.
Bovenop dat domineren vanuit het bedrijfsleven, komt nog de geheimhouding van wat er binnen de expertgroepen is besproken. Omdat de inhoud van de gesprekken geheim zijn, is ook niet te achterhalen welke standpunten zijn ingenomen door wie en met welk doel of resultaat. Dat is volledig in strijd met de beginselen van transparantie en Europese democratie, zo stelt CEO.
Het betekent een afwijzing van het belang van het maatschappelijk middenveld en het Europees Parlement, die pleitten voor openbaarheid als uitgangspunt.
Je hoeft niet extreemrechts te zijn om tegen de huidige EU te ageren
Het is geen extreemrechts, of complotdenken, als je ervan overtuigd bent dat de huidige EU, in tegenstelling tot de vroegere EEG, niet meer in de belangen van haar burgers voorziet.
Organisaties als CEO en ETUI bevestigen dat de prioriteit van de belangen binnen de EU bij multinationals en banken ligt en niet bij de Europese burgers.
De EU heeft de macht van nationale regeringen overgenomen, maar niet in het belang van de Europeanen.
-
Klimaat7 dagen geledenGerrit Hiemstra verkoopt klimaatactivisme als wetenschap bij Eva
-
Politiek3 dagen geledenKabinet-Jetten zet grote stap naar surveillancestaat
-
Politiek2 weken geledenBurgers Katwijk en Wassenaar moeten wijken voor defensie-drones en pillenfabriek
-
Politiek1 week geledenPleegde jokkebrok Hugo de Jonge meineed?
-
Column1 week geledenDemocratie is prachtig, tot de kiezer verkeerd stemt
-
Column4 dagen geledenRutte, de Jonge en Grapperhaus, de lakeien van de NCTV?
-
Column6 dagen geledenDe gevolgen van het politiek uitsluiten worden zichtbaar
-
Politiek5 dagen geledenWat doen die 25.000 EU-lobbyisten in Brussel?

